Brief van Magnus - Crisis in Zuid-Soedan

Magnus MacFarlane-Barrow
Magnus MacFarlane-Barrow
Mary's Meals founder and CEO

Back to all stories | Posted on 4 July 18 in Update from Magnus

Beste vriend,

Je zou John (van de foto hierboven) een van de gelukkigen kunnen noemen.  Met zijn negen jaar werd hij verplicht uit zijn huis weg te vluchten. Door een landmijn gehandicapt achtergelaten, woont hij nu met zijn moeder in een kamp voor vluchtelingen in eigen land.  Er zijn bijna twee miljoen mensen in Zuid-Soedan die op de vlucht sloegen door de terreur van deze helse oorlog, om een relatieve veiligheid te vinden in andere delen van het land.

John kan inderdaad van geluk spreken, want hij kan naar school gaan.  Minder dan een op drie kinderen in de lagere school leeftijd in Zuid-Soedan kunnen naar school.  Daarmee heeft dit land het hoogste percentage ter wereld van kinderen die geen onderwijs kunnen krijgen.  En toch weten we dat alleen in de klas vrede kan geboren worden en hoop op een beter leven voor de toekomst.

Honger is allicht de grootste oorzaak waardoor kinderen beroofd worden van onderwijs.  Vandaag zijn er in Zuid-Soedan zes miljoen mensen die wanhopig op zoek zijn naar voedselhulp om te kunnen overleven en deze enorme menselijke catastrofe zal in de komende maanden alleen maar erger worden.

John kan naar school gaan, omdat hij - net zoals 20.000 andere kinderen in de Provincie Lakes - elke dag een maaltijd krijgt van Mary’s Meals.  Een bord met rijst en bonen, dat is hoe de hoop zich vertaalt voor deze kinderen.  De getrouwheid van het opdienen van dit dagelijks voedsel is op zich een heel bijzonder feit, gezien dit gebeurt te midden van terreur en chaos.

De mannen en vrouwen die zorgen voor de levering van het voedsel zijn echte helden.  Ze stappen soms tot 10 kilometer ver naar afgelegen scholen die door het regenseizoen niet via de weg of per wagen bereikbaar zijn.  Dit alles om de kinderen eten te kunnen voorzetten.  En terwijl ze dit doen, riskeren ze hun leven.

En dan zijn er nog al de vrijwilligers die hun tijd geven om de maaltijden klaar te maken en op te dienen en dit zijn stuk voor stuk ook helden.  Zo is er bij voorbeeld Betty die uitlegt waarom ze deze inspanning doet.  Ze zegt: “Deze kinderen zijn van mij en ik moet wel het beste van mezelf geven om hen graag te zien en goed voor hen te zorgen.”

Ik ben me er pijnlijk van bewust dat we vorig jaar een gelijkaardige oproep deden voor de kinderen van Zuid-Soedan.  Opnieuw vragen wij om hulp en nu omdat de situatie zo verschrikkelijk is.  Meer dan ooit willen we onze belofte houden tegenover John en zijn vrienden.  Als er voldoende middelen gevonden worden is ons grootste verlangen om ook in vijf nabijgelegen scholen te starten met de maaltijden van Mary’s Meals, want daar zijn nu ook zoveel kinderen dringend aan hulp toe.  En dit kunnen wij doen dank zij uw steun.  Intussen gaan wij ermee door ons programma uit te breiden over de hele wereld om nog veel meer kinderen voedsel te geven.

John zegt dat hij later als hij groot is graag dokter wil worden, zodat hij andere mensen met een handicap kan helpen.  Nu blijft nog de hoop, hoop op een betere dag, een dag wanneer hij en zijn vrienden eindelijk in vrede kunnen leven en hun droom kunnen realiseren.

Van harte dank,

 

Magnus MacFarlane-Barrow

Algemeen Directeur en Stichter