Wanneer je met kinderen werkt is het onvermijdelijk dat je hun moeders ontmoet.  Zij geven wat achtergrond aan de ervaringen van hun kinderen.  Onze communicatie medewerker Gerry kwam enkele indrukwekkende mama’s tegen op zijn reis naar Kenia.  Een onder hen was Margaret.

Margaret is nooit naar school geweest.  Was dit wel gebeurd, dan was ze computerexpert geworden, vertelt ze mij.  Ik ontmoet haar terwijl ze klei aanbrengt aan de binnenmuren van een kleine winkel die ze aan het bouwen is pal voor haar huis in Turkana, in het noorden van Kenia.

Margaret onderbreekt haar werk en komt er even bij zitten om met mij te praten.  Intussen houdt ze haar jongste dochtertje Joyce op schoot.  Beiden zitten onder de grijsbruine smurrie door het pleisterwerk.

Ik verneem dat Joyce 2 jaar oud is en samen met haar ouder zusje Leah in het vlakbij gelegen Kinderopvangcentrum dagelijks een maaltijd krijgt van Mary’s Meals.  Vroeger leed Joyce aan ondervoeding, maar nu gaat het veel beter sinds ze voedzame maaltijden krijgt in het centrum.  Toen ik hier aankwam, was Joyce bezig haar mama te helpen met de klei, maar nu zit ze neer en kijkt me met grote ogen in een heel ernstig gezichtje aan, in schril contrast met de vrolijke uitdrukking bij haar Mama.

Hoewel we via een tolk met elkaar spreken, weet ik dat Margaret deze uitwisseling erg prettig vindt en ze beantwoordt al mijn vragen met twinkelende ogen.

Na het overlijden van haar echtgenoot door ziekte, net geen twee jaar geleden, werd Margaret zowel moeder als vader voor haar vijf kinderen.  Zij zorgt voor hen met het geld dat ze verdient door te helpen bij de visverwerking bij de vissers aan het Meer van Turkana.  Margaret heeft kleine bedragen kunnen bijeen sparen zodat ze hout kon kopen en zink voor het dak van haar winkeltje.  De winkel wordt een klein rechthoekig gebouw met een open voorzijde en een deur achteraan.  Het ziet er helemaal anders uit dan het eivormige huisje waarin het gezin slaapt.

Ze is van plan om kleine dingen in haar winkeltje te verkopen zoals stekjes, kaarsen, suiker en zout die ze in bulk kan aankopen en in kleine porties doorverkopen.  Ook grotere zaken zoals houtskool kan ze verkopen, want dat kan ze zelf maken.  Nog op haar lijstje staan rijst en maïs.

Margaret doet deze extra inspanning om haar kinderen meer kansen te kunnen bieden.  Zelfs de klei voor de muren die ze gratis kan krijgen moet van ver komen, maar haar zoon Peter heeft daarvoor een karretje ontworpen van boomtakken met lege potten als wielen zodat ze dit kan gebruiken om de zware zakken droge klei naar huis te slepen waar ze verwerkt worden met water.

Ik ben er zeker van dat hij die creativiteit van zijn moeder heeft meegekregen!

Zij weet niet hoe oud ze is en daarom toont ze mij haar identiteitskaart.  Na wat rekenwerk stel ik vast dat ze 41 jaar oud moet zijn.  Al kan ze de kaart niet zelf lezen, toch vindt ze het leuk mij te zien zoeken en cijferen hoe oud ze is.  Ze lacht als ik haar vraag of ze naar school geweest is als kind.  Nee, zegt ze, meisjes mochten niet naar school destijds.  Nu is ze in de wolken dat haar drie dochters onderwijs kunnen krijgen.  De twee jongsten doen dat met de hulp van Mary’s Meals.